Month: August 2003

Webvertellingen

Internetjournalistiek, wat is dat precies? De deelnemers aan een debat in De Balie, onder wie Francisco van Jole, kwamen er een paar weken geleden niet uit. Even leek de discussie zelfs uit te monden in een stammenstrijd over de vraag wie beter geëquipeerd is om vierentwintig uur per dag nieuws te brengen, krant of omroep.

Achter in de zaal kon een toeschouwer zijn veronwaardiging niet langer voor zich houden. Sinds wanneer is journalistiek beperkt tot het zo snel mogelijk brengen van het laaste nieuws?, barstte hij uit. Waar is de webversie van de feature, van de actualiteitenrubriek, van de documentaire? Zou de internetjournalist zich daar niet eens op moeten toeleggen?

Daar hadden de aanwezigen niet van terug. In 2001 besteedde het International Documentary Filmfestival Amsterdam (IDFA) met Docs Online nog uitgebreid aandacht aan digitale documentaires, maar sindsdien is – op een enkele uitzondering na – weinig meer van het genre vernomen.

Dat wil zeggen, in Nederland. Over de grenzen ontwikkelen journalisten in hoog tempo webvertellingen. Monsterproducties van onder meer BBC, PBS en The Smithsonian Institution worden verzameld op Interactive Narratives. Onder de nominaties voor de EPpys, de Edgies, de SND.ies en de vele andere prijzen voor webjournalistiek bevinden zich de kleinere juweeltjes.

De New York Times geeft vandaag het goede voorbeeld met Inside the Port Authority tapes over de hartverscheurende telefoongesprekken vanuit het brandende World Trade Center. Een bescheiden experiment van eigen hand gaat over de Nederlandse missie in Irak.

Digitale dood

In Heerlen zijn crematies vanaf 1 november te volgen via internet. Volgende stap in de digitalisering van de dood: de necrocam. De beheerder van begraafplaats Zorgvlied in Amsterdam heeft persoonlijk geen probleem met klanten die een webcam in het graf willen meenemen. Wel vreest hij dat publiek en werknemers niet zitten te wachten op een serieuze concurrent voor rotten.com. Met nieuwe, schone uitvaarttechnieken is ook dat probleem uit de wereld. Gelukkig maar. Je weet immers nooit wanneer het je tijd is.

Boem, bliep, ploink

Of je nu houdt van muziek uit een doosje, het betere gitaarwerk, of gewoon boem, bliep, ploink, op het web is iedereen een muzikant.

Sociaal

Naast de flash mob is social software het buzzword van de zomer van 2003. Ze hebben dan ook wel iets met elkaar te maken. De deelnemers aan een flitsmenigte komen in contact met elkaar via het web. En het bij elkaar brengen van mensen via internet is precies wat de propagandisten van de sociale software voor ogen staat.

Aan elkaar geknoopte netwerken kun je gebruiken om mensen aan een baan of een nieuwe liefde te helpen. Ook als die nieuwe liefde ongewenste sporen nalaat, biedt de sociale software soelaas. En wie het allemaal te sociaal wordt, kan zich aanmelden bij de anti-social non-networking community.

Hip

Reclame lopen voor de Goelag Archipel is niet langer hip, de Retro longsleeve shirts CCCP liggen in de uitverkoop. Hoogste tijd om de symbolen van een ander verwerpelijk regime te verwerken in een kledinglijn. Echte trendsetters nemen natuurlijk geen genoegen met namaak en gaan voor het origineel.

Bijna echt

Dol op katten maar last van opspelende allergie? Probeer eens een digitaal poezebeest. Pakkenfetisjist? Leef je virtueel uit op manische mannen. Moeite met het vinden van een vriendin? Enfin…

Six degrees

Misschien een goed idee voor de Good people uit de vorige bijdrage: vergeet al die vacaturesites en meld je aan bij RealContacts. Mond-tot-mond-reclame is immers veel effectiever dan sollicitatiebrieven schrijven. Hoe groter het netwerk, hoe meer monden en dus meer kansen op een baan. En laat er nu een netwerk bestaan dat de globe omspant.

Ze hebben er over nagedacht, daar in Nieuw Zeeland. RealContacts is gebaseerd op The six degrees of seperation, de theorie dat twee willekeurige wereldburgers slechts zes sociale contacten van elkaar zijn verwijderd. Het idee is afkomstig van de Amerikaanse psycholoog Stanley Milgram (tevens de geestelijk vader van het Milgram experiment) en ligt ten grondslag aan wel meer websites. Losgelaten op The Internet Movie Database blijkt de theorie in ieder geval te kloppen. Een elektronische kettingbrief van Columbia University moet definitef het zwijgen opleggen aan de criticasters.

What’s in a face?

The Robotics Institute van de Carnegie Mellon University in Pittsburgh doet onderzoek naar gezichten. Het ontwikkelt software om gezichten te herkennen en zelfs na te maken. Een aparte vakgroep brengt gezichtsuitdrukkingen in kaart. Doel is een robot die onderscheid kan maken tussen nerds en seriemoordenaars en tussen worstelaars met, en zonder kleren.

Buitencategorie

Online games zijn er in vele soorten en maten. Prikkelend, verslavend, multi-player, old-school, origineel, of gewoon heel mooi. Het prachtige spelletje dat momenteel de weblogs bevolkt, valt echter in geen enkele categorie. Met huidverzorging heeft het trouwens niets te maken. Het kwam bij Garnier terecht, omdat de server waar het oorspronkelijk stond het bezoek niet aankon.

Lui en geniaal

Een goed idee voor het web maar gebrek aan tijd of talent om het zelf te verwezenlijken? Zet een berichtje op je weblog, stuur een trackback ping naar ideeënbus LazyWeb en wie weet pakt een of andere wizzkid het op.

Voorwaarde: verdiep je van te voren goed in het jongste webjargon en controleer of je het wiel niet opnieuw aan het uitvinden bent. Zo had de bedenker van een kruising tussen een wiki (een soort openbare weblog) en een moblog (een weblog die van tekst en foto’s wordt voorzien via een mobiele telefoon) zich de moeite kunnen besparen en beter een mailtje kunnen sturen naar Joi Ito, de grote propagandist van mass-moblogmapping.

Twee andere geniale webproducten waar geen eer meer aan is te behalen: de Empty Web Site® en NaDa™.